Op 30 maart 2002 is de wijziging
Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid in werking getreden.
Reden invoering
Beginnende bestuurders vertonen relatief vaak ongewenst gedrag in het verkeer.
De kans op een ernstig verkeersongeval is het grootst in de leeftijdscategorie
van 18 t/m 24 jaar. Het verhoogd risico is vooral een gevolg van onervarenheid
en leeftijdsgebonden kenmerken (overschatting van de eigen rijvaardigheid
en bewust risico's nemen).
Regeling
Indien een persoon als beginnende bestuurder, binnen een termijn van 5 jaar
na afgifte van zijn eerste rijbewijs, tenminste 3 keer een in de regeling genoemde
feit begaat en hiervoor onherroepelijk is veroordeeld of een transactie heeft
voldaan als bedoeld in art. 74 van het Wetboek van Strafrecht volgt een melding
van het OM aan de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) en
wordt het rijbewijs van betrokkene geschorst. Vervolgens wordt door CBR een
onderzoek naar de rijvaardigheid ingesteld. Indien uit onderzoek blijkt dat
bedoeld persoon over voldoende rijvaardigheid beschikt, vervalt de schorsing
van het rijbewijs. Valt de uitslag voor betrokkene echter negatief uit, dan
wordt het rijbewijs ongeldig verklaard, waarna – ter verkrijging van een rijbewijs
- opnieuw een regulier theorie- en praktijkexamen moet worden gedaan.
Beginnende bestuurder
Onder beginnende bestuurder wordt verstaan: Een bestuurder van een
motorrijtuig voor het besturen waarvan een rijbewijs vereist is, gedurende
een periode van vijf jaar na datum waarop aan hem voor de eerste maal
een rijbewijs is afgegeven
De in de regeling genoemde feiten zijn:
- art. 5 WVW gedrag op de weg (hinder of gevaar)
- art. 6 WVW dood, zwaar lichamelijk letsel door schuld
- art. 19 RVV niet voldoende afstand houden bij snelheiden van meer
dan 80 km/u geconstateerd met Video controlesysteem (VCS)
- art. 20,21,22 RVV of 62 juncto bord A1 of A3 RVV Forse overschrijdingen
van de maximumsnelheid (snelheidsovertredingen op autosnelwegen van
41 km/u of meer en op andere wegen van 31 km/u of meer).
overige overtredingen van het RVV Het niet op de juiste wijze naleven van
verkeersregels dan wel verkeerstekens, indien daarbij letsel aan personen
is ontstaan of schade aan goederen is toegebracht. Het gaat hierbij om
aanrijdingen waarvoor ingevolge de Aanwijzing Verkeersongevallen proces-verbaal
wordt opgemaakt. |