U kunt op twee manieren voor de rechter
komen. Of omdat u wordt verdacht van een strafbaar feit of omdat
u een conflict heeft met een persoon of instantie en het u niet
lukt er samen uit te komen.
Als u of de tegenpartij een conflict aan
de rechter voorlegt, doet de rechter een bindende uitspraak (eventueel
na hoger beroep), waaraan u en de andere partij zich moeten houden.
Wordt u verdacht van een strafbaar feit, dan vraagt de Officier
van Justitie de rechter te bepalen of u schuldig bent of niet.
Het is uiteindelijk de rechter die in elke rechtszaak de beslissing
neemt.
Ambtskleding
Meestal
draagt een rechter een toga met een witte bef. Door het dragen
van ambtskleding wordt duidelijk dat de rechter er niet als privé-persoon
zit, maar als rechtspreker. Bij sommige rechtszaken draagt een
rechter gewone kleding. Bijvoorbeeld bij jeugdzaken. Kinderen voelen
zich dan beter op hun gemak.
Nederlandse rechters dragen geen ouderwetse
pruik, zoals in sommige landen gebruikelijk is. Het beeld van de
oudere, blanke heer als rechter is erg verouderd. Nederlandse rechters
kunnen blank, gekleurd, man, vrouw, jong of oud zijn. Hoewel rechters
hun persoonlijke religieuze achtergronden en politieke voorkeuren
hebben, mogen zij die niet laten merken. Niet in hun kleding, maar
die voorkeuren mogen ook geen rol spelen in hun oordeel.
Hoe
komt de rechter tot een uitspraak?
Nederlandse rechters bepalen niet zelf
wat rechtvaardig is. Hoewel ze onafhankelijk zijn, zijn ze gebonden
aan het geldende recht. Dit betekent dat de rechter zijn uitspraken
baseert op de volgende bronnen van het recht:
• Wetten
• Internationale
verdragen
• Jurisprudentie, dat zijn eerdere rechterlijke uitspraken
• Gewoonten
en gebruiken
Hoe objectief is
een rechter?
De rechter beslist wie er gelijk heeft
volgens het recht. Het is daarom belangrijk dat de rechter in volstrekte
onafhankelijkheid kan beslissen. Om daarvoor te zorgen worden rechters
voor het leven benoemd. Zij kunnen zelfs niet tegen hun wil worden
geschorst of ontslagen door de regering of het parlement; niemand
kan de rechter dwingen tot een andere beslissing door met ontslag
te dreigen. Ook een geschil met een overheidsinstantie wordt op
deze manier beslist door een onafhankelijke, neutrale (derde) staatsmacht.
Alleen de Hoge Raad heeft de bevoegdheid om rechters te ontslaan,
bijvoorbeeld bij gebleken ongeschiktheid voor de functie of na
een veroordeling wegens een misdrijf.
Als een rechter denkt dat hij niet objectief
kan zijn in een zaak, verschoont hij zich. Dit betekent dat hij
zich terugtrekt en de zaak overlaat aan een andere rechter. Dat
doet een rechter bijvoorbeeld als hij de verdachte of de eiser
té goed
kent. Is iemand er toch van overtuigd dat een rechter partijdig
is, dan kan hij een wrakingverzoek indienen. Hiermee geeft deze
persoon aan dat hij de rechter ongeschikt vindt om over de zaak
te oordelen. Andere rechters beoordelen vervolgens of de rechter
zijn werk wel of niet goed kan doen in de zaak.
Rechters zijn verplicht eventuele bijbanen
te melden. Deze nevenfuncties zijn openbaar. Zo kan iedereen controleren
wat de rechter naast zijn werk in de rechtszaal doet en dus of hij
objectief kan zijn in een zaak.
Hoeveel rechters?
'Kleine' zaken worden vaak door één rechter behandeld,
ingewikkeldere of ernstigere zaken door drie of zelfs vijf rechters.
Als één rechter zitting heeft, noemen we dit een
enkelvoudige kamer en een alleensprekende rechter. Alleensprekende
rechters behandelen een zaak zelfstandig zonder hulp van collega's.
Daarom zijn alleensprekende rechters bijna altijd rechters met
ruime ervaring. Voorbeelden zijn de kantonrechter en de politierechter.
Een meervoudige kamer bestaat meestal uit drie rechters. Hier
worden moeilijkere of ernstigere zaken en zaken in hoger beroep
behandeld. Bij de Hoge Raad kan een kamer behalve uit drie ook
uit vijf raadsheren (zo heten rechters bij de gerechtshoven en
de Hoge Raad) bestaan.
Wat voor soort rechters
zijn er?
Bent u het niet eens met een uitspraak
van de rechter in de rechtbank, dan kunt u meestal in hoger
beroep gaan bij het gerechtshof . U legt de zaak dan voor aan
een hogere rechter. In het uiterste geval kunt u daarna nog in
cassatie gaan bij de Hoge Raad .
Er wordt dus recht gesproken in
drie stappen , met drie soorten rechters:
1. Rechters bij de rechtbank, inclusief
de kantonrechters
2. Raadsheren bij het gerechtshof
3. Raadsheren bij de Hoge Raad
Sommige rechters hebben zich gespecialiseerd.
Zo houdt de economische politierechter zich bezig met economische
vergrijpen, zoals overtreding van de milieuwetgeving. De kinderrechter
behandelt bijvoorbeeld zaken waarin kinderen worden verdacht van
het plegen van strafbare feiten of waarin kinderen onder toezicht
moeten worden gesteld of uit huis moeten worden geplaatst.
Vroeger
was het kantongerecht een apart gerecht naast de rechtbanken, gerechtshoven
en de Hoge Raad. De kantongerechten zijn opgegaan in de rechtbanken.
De term 'kantonrechter' is echter blijven bestaan. Het is een alleensprekende
rechter die zaken als overtredingen uit het strafrecht, arbeidszaken,
huurzaken en civiele zaken onder de € 5000 behandelt. De kantonrechter
behandelt dus zowel civiele zaken als strafzaken.
Hoger
beroep
Als u het niet eens bent met een rechterlijke uitspraak, kunt
u (meestal) de zaak nogmaals laten behandelen door een hogere rechter.
Een partij heeft in de meeste gevallen recht op drie rechtsprekende
instanties. Dat zijn de rechtbank, het gerechtshof en de Hoge Raad.
Hoger beroep is niet altijd mogelijk. Zo kan bij geschillen om
een geldbedrag van minder dan 1.750 euro een partij niet in hoger
beroep gaan.
Waar kunt u in hoger beroep?
Wie tegen een uitspraak van een
rechtbank in hoger beroep gaat, komt meestal terecht bij één
van de vijf gerechtshoven in Amsterdam, Den Haag, Arnhem, Leeuwarden
of Den Bosch. Hun werkgebied wordt aangeduid met ressort. Een
gerechtshof behandelt het hoger beroep in strafzaken en het hoger
beroep in civiele zaken van de rechtbank.
Het hoger beroep in bestuurszaken wordt, afhankelijk van het soort
zaak, behandeld door de Centrale
Raad van Beroep en door de afdeling bestuursrechtspraak van
de Raad
van State . De Centrale Raad van Beroep behandelt sociale zekerheidszaken
en ambtenarenzaken.
Hoe gaat het bij een gerechtshof?
De procedure om in hoger
beroep te gaan, lijkt op de procedure bij een rechtbank. Alleen
heet de uitspraak van het hof geen vonnis, maar arrest. In
sommige vonnissen leest u waar en hoe u in beroep kunt.
Een rechter in een gerechtshof wordt geen ‘rechter' genoemd, maar ‘raadsheer',
ook als de rechter een vrouw is. De raadsheren verrichten, net
zoals bij de rechtbanken, hun werkzaamheden in verschillende sectoren.
In elk hof zijn bijvoorbeeld de sectoren strafrecht, civiel recht
en belastingrecht. De sector van een hof kan verdeeld zijn in ‘kamers'.
Dat zijn min of meer vaste samenstellingen van drie raadsheren
die met elkaar een geschil beoordelen. Bij eenvoudige zaken wordt
de zaak behandeld door één raadsheer. Is het ingewikkelder,
dan behandelen drie raadsheren de zaak.
De raadsheren van het gerechtshof bekijken nog eens wat er precies
is gebeurd en luisteren opnieuw naar de verhalen van de partijen.
Zij onderzoeken nogmaals de feiten. Het gerechtshof hoeft geen
rekening te houden met de uitspraak van de rechtbank. Iemand die
in eerste instantie is veroordeeld, kan dus bijvoorbeeld worden
vrijgesproken, maar ook een hogere straf krijgen. Het vonnis van
de rechtbank vervalt met het arrest van het hof, indien dat vonnis
wordt vernietigd.
Bent u het niet eens met het arrest van het gerechtshof, dan kunt
u meestal in
cassatie bij de Hoge Raad .
In cassatie bij de Hoge Raad
Het hoogste rechtscollege in ons land is de Hoge Raad der Nederlanden.
De Hoge
Raad behandelt niet de feitelijke inhoud van een zaak (zoals
rechtbank en gerechtshof doen), maar bekijkt of het recht goed
is toegepast door de lagere rechters. De procedures voor de Hoge
Raad verlopen meestal helemaal schriftelijk. Het instellen van
cassatieberoep is gebonden aan wettelijke vormvoorschriften en
termijnen. Deze kunnen verschillen per soort zaak. Als een partij
zich tot de Hoge Raad wendt, hebben we het niet over in ‘hoger
beroep' gaan, maar over 'in cassatie' gaan. Net zoals bij de gerechtshoven
worden de rechters in de Hoge Raad 'raadsheren' genoemd.
Aantal rechters
Bij de Hoge Raad worden zaken beslist
door drie of vijf raadsheren. Hoeveel raadsheren de zaak behandelen,
hangt onder andere af van de moeilijkheidsgraad en het maatschappelijke
belang van de zaak. Een uitspraak van de Hoge Raad heet een arrest.
Wat is het verschil met hoger beroep?
Het lijkt misschien alsof
iemand bij de Hoge Raad voor de tweede keer in hoger beroep kan
gaan, maar er bestaan verschillen tussen hoger beroep en cassatie.
Zo gaan de raadsheren bij de Hoge Raad uit van de feiten die door
de lagere rechter zijn vastgesteld. De Hoge Raad kijkt alleen of
de lagere rechter het recht juist heeft toegepast en of hij zich
aan alle vormvoorschriften heeft gehouden die de wet oplegt. Is
dit niet het geval dan verwijst de Hoge Raad de zaak terug naar
een gerechtshof. Dit hof moet opnieuw uitspraak doen en daarbij
rekening houden met het oordeel van de Hoge Raad.
Definitief
Als de Hoge Raad uitspraak doet en het arrest wijkt
af van dat van de lagere rechter, dan vervalt de eerdere uitspraak.
Na een uitspraak van de Hoge Raad is er geen mogelijkheid om opnieuw
een Nederlandse rechterlijke instantie voor hetzelfde probleem
te benaderen.
Procesvertegenwoordiging bij de Hoge Raad
Burgers kunnen in civiele
zaken niet zelf optreden bij de Hoge Raad. Wanneer zij de Hoge
Raad een uitspraak willen laten doen, is dat slechts mogelijk door
hiervoor een advocaat in te schakelen. Je moet immers over veel
kennis van het recht beschikken om aan te tonen dat de rechters
van een hof of rechtbank het recht niet goed hebben toegepast.
Van een partij in een geding kan die kennis niet worden verwacht.
In
strafzaken kan de verdachte wel zelf in cassatie gaan bij de
Hoge Raad. Zodra de Hoge Raad de zaak behandelt moet men een
advocaat inschakelen om een ‘schriftuur' (min of meer een schriftelijke
toelichting en precisering van het beroep) in te dienen.
In
belastingzaken kunnen burgers wel zelf cassatieberoep bij de
Hoge Raad instellen en zelf de ‘middelen van cassatie' (min of
meer een schriftelijke toelichting op en precisering van het beroep)
indienen. Men mag ook een gemachtigde inschakelen die geen advocaat
behoeft te zijn, bijvoorbeeld een belastingdeskundige.
De vier kamers van de Hoge Raad
De Hoge Raad is verdeeld in
vier kamers:
1. De eerste of civiele kamer behandelt
zaken op het gebied van het civiele recht.
Deze kamer oordeelt
onder meer over de cassatieberoepen die zijn ingesteld tegen
uitspraken van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof te
Amsterdam
2. De tweede of strafkamer behandelt zaken op het gebied van het
strafrecht en het uitleveringsrecht. Deze kamer behandelt ook de
verzoeken om herziening.
3. De derde of belastingkamer behandelt zaken op het gebied van
het belastingrecht en het onteigeningsrecht en de zaken waarin
cassatieberoep is ingesteld van uitspraken van de Centrale Raad
van Beroep te Utrecht, hetgeen in een beperkt aantal gevallen moegelijk
is.
4. De vierde of ombudskamer van de Hoge Raad behandelt vorderingen
van de procureur-generaal tot schorsing of ontslag van leden van
de rechtsprekende macht.
Rechters ontslaan
Omdat rechters hun rechtsprekende taak in
onafhankelijkheid moeten kunnen verrichten, worden zij aangesteld
voor het leven. Dat wil zeggen tot zij de wettelijke leeftijdsgrens
van 70 jaar hebben bereikt. Zij kunnen niet tegen hun wil worden
geschorst of ontslagen door de regering of het parlement. Alleen
de Hoge Raad heeft die bevoegdheid wel, bijvoorbeeld bij gebleken
ongeschiktheid voor de functie of na een veroordeling wegens
een misdrijf.
Ombudskamer
Ook verricht de vierde kamer, op verzoek van de
procureur-generaal, onderzoek naar rechters over wie bij de procureur-generaal
is geklaagd. Pas nadat een klacht is afgewikkeld bij het gerechtsbestuur
van de rechtbank of het hof (waar de betreffende rechter werkzaam
is) kan men een klacht indienen bij de procureur-generaal. Deze
toetst of de klagende persoon behoorlijk is behandeld door het
gerechtsbestuur en beslist vervolgens of hij een klachtzaak wel
of niet bij de ombudskamer aanhangig zal maken
Het geheim van de raadkamer
De beslissingen van de Hoge Raad
(en ook van meervoudige zaken bij de gerechten) komen tot stand
in de raadkamer. Van de discussies in de raadkamer mag niets
naar buiten komen. Het is voor derden dus niet bekend of beslissingen
unaniem of met meerderheid van stemmen zijn aangenomen. Dit heet
het geheim van de raadskamer.
Hoe word je rechter?
Er zijn twee manieren om rechter te worden:
- Wie een studie Nederlands recht heeft voltooid, kan toegelaten
worden tot de Raio-opleiding. Raio betekent rechterlijk ambtenaar
in opleiding. Deze opleiding duurt zes jaar.
- Wie na zijn studie Nederlands recht minimaal zes jaar juridische
ervaring heeft opgedaan, kan tot rechter worden benoemd via de
Commissie aantrekken leden rechterlijke macht.
|